top of page

Stofwisselingsproblemen en onverklaarbare gewichtstoename

Een andere kijk op stofwisselingsproblemen vind je in Medical Medium - Thyroid Healing. Let op: dit is geen vervanging van medisch advies. Stofwisseling Het concept van stofwisseling of metabolisme als drijvende kracht achter gewichtstoename, gewichtsverlies en honger is een mythe. Het is een zeer brede en achterhaalde term die ons afleidt van het feit dat er binnen de medische gemeenschap nog steeds zeer veel onbekend is over de vraag waarom mensen op dit gebied klachten hebben.


Als tegen je is gezegd dat je stofwisseling niet goed werkt, laat je dan niet van de wijs brengen. Je hebt geen stofwisseling die niet goed werkt en met jou is ook niets mis. Er is een echte oorzaak die achter je problemen ligt en dat probleem kun je met behulp van dit boek aanpakken. Om erachter te komen wat bij jou de precieze oorzaak van het probleem is, kun je de uitleg over onderstaande symptomen lezen. Onverklaarbare gewichtstoename Onverklaarbare gewichtstoename is een veel voorkomend symptoom waar veel mensen uiterst gefrustreerd van raken. Je let op wat je eet, je beweegt regelmatig en toch blijft het aantal kilo's dat door de weegschaal wordt aangegeven maar stijgen. Wellicht heb je gehoord dat dit het gevolg is van hypothyreoïdie, dat je een onderactieve schildklier hebt die onvoldoende hormonen produceert die de stofwisseling stimuleren, om je gewicht op pell te houden. Maar zo werkt het niet.

Zoals je zult lezen bij 'Grote Fout 5: de stofwisselingsmythe', is stofwisseling of metabolisme een van die paraplubegrippen die het feit verdoezelt dat er nog maar weinig bekend is over het werkelijke mechanisme achter gewichtstoename. Als de onderproductie van schildklierhormonen de werkelijke verklaring was, hoe kun je dan verklaren dat niet alle mensen met hypothyreoïdie dit symptoom ervaren?

Dit is er in werkelijkheid aan de hand: toen het Epstein-Barrvirus zich in Stadium Twee bevond en zich in je lever ophield, verzwakte het dit orgaan en belastte het zodanig dat de leverfunctie werd vertraagd.

En zelfs nadat het virus verhuisde naar de schildklier bleven sommige EBV-cellen in de lever achter, waar ze problemen konden blijven veroorzaken doordat ze zich voedden met antibiotica en andere in het verleden gebruikte farmaceutische middelen, pesticiden, herbiciden, toxische zware metalen, oplosmiddelen en meer in dat orgaan. Ze gedijen daar goed op. Bovendien heeft de aanwezigheid van het EBV in het lichaam tot gevolg dat er voort- durend virale bijproducten, dode viruscellen, neurotoxinen en dermatoxinen in het sys- teem aanwezig zijn die de lever en het lymf- stelsel met reinigingswerk opzadelen, dus blijven beide belast.

Door dit alles, en doordat de bijnieren de onderactieve schildklier moeten compenseren en daardoor de lever overspoelen met adrenaline, wordt de lever met nog meer toxinen belast. In wezen wordt de lever 'gekruid' met de toxinen en 'ingelegd in adrenaline waardoor hij zijn werk niet meer goed kan doen. Hij smeert het lymfstelsel aan wat hij kan. (Je hoeft geen bijnieruitputting te hebben om een lever te hebben die is verzadigd met adrenaline.)

De hieruit voortkomende overbelaste, trage lever en het overbelaste, trager functionerende lymfstelsel zitten achter het feit dat iemand met hypothyreoïdie moeite heeft met afvallen of geen controle kan hebben over zijn of haar gewichtstoename. Dus zowel de hypothyreoïdie alsook de gewichtstoename worden door het virus veroorzaakt. De ge- wichtstoename wordt dus niet door de hypothyreoïdie zelf veroorzaakt.


Het is ook niet ongebruikelijk dat iemand met hyperthyreoïdie zwaarder wordt. Van alle mensen met hyperthyreoidie worstelen er meer met gewichtstoename dan gewichts- verlies. Het feit dat de meeste hyperthyreoïdiepatiënten te zwaar zijn, stelt de medische gemeenschap voor een raadsel. Het is een feit dat niet serieus wordt genomen en dus wordt genegeerd, omdat het tegen de 'regels' in gaat die hyperthyreoïdie definiëren.

Maar in werkelijkheid is het allemaal heel logisch. De typen van het EBV die hyperthyreoïdie veroorzaken zijn net zo verstorend voor de lever als de varianten die hypothyreoïdie veroorzaken. Uiteindelijk raakt de lever van een hyperthyreoïdiepatiënt ook verstopt en overbelast, met als gevolg dat de patiënt moeite heeft met het op peil houden van zijn of haar gewicht.


Een belangrijk aspect van de gewichtstoename is het vasthouden van vocht (vocht- retentie). Als je bijvoorbeeld denkt dat je 30 kilogram te zwaar bent, gaat het waarschijnlijk om slechts 20 kilogram lichaamsvet. De overige 10 kilogram bestaat uit vocht dat je lichaam vasthoudt. De medische gemeenschap is nog niet op de hoogte van deze ver- houding.


Waarom vindt deze vochtretentie plaats? Omdat als de lever het punt bereikt waarop hij je niet meer kan beschermen tegen toxinen in het bloed, je lymfstelsel bij moet springen en de filter wordt die je lever eigenlijk moet zijn. Je lymfstelsel is bedoeld als filter nadat de lever zijn werk heeft gedaan, en verwerkt micro- en nanohoeveelheden van toxinen en afvalstoffen.


Maar als de lever zich in het voorstadium van leververvetting bevindt, of als er al sprake is van leververvetting, een trage leverfunctie of leverstagnatie, of als de lever gewoon ziek wordt (allemaal aandoeningen die aan de aandacht van een arts kunnen ontsnappen) en zijn werk dus niet meer goed kan doen, moet het lymfstelsel alle macro-afvalstoffen verwerken die de lever niet aankan.

Aangezien dit 'slijk' dikker is dan waar het lymfstelsel voor is uitgerust, raken de lymfvaten verstopt, waardoor de lymfvloeistof niet op een normale manier kan stromen. Om zich hieraan aan te passen probeert het lymfstelsel de lymfvloeistof voort te stuwen met als doel om druk op te bouwen, zodat de macro-afvalstoffen uit het systeem gespoeld kunnen worden.

Maar de lymfe kan dan meestal toch nog niet ongehinderd stromen, dus ontstaan er ophopingen van lymfvloeistof. Het gevolg hiervan is dat je vocht vasthoudt, waardoor je buikomvang toeneemt en de weegschaal extra kilo's aangeeft, terwijl zich een onderlig- gend, niet-gediagnosticeerd lymfe-oedeem ontwikkelt.

Het is de moeite waard om op te merken dat ook al ben je niet gediagnosticeerd met een schildklierprobleem, de effecten die ik zojuist heb beschreven toch de oorzaak kunnen zijn van het feit dat je zo met je gewicht worstelt. Zoals ik eerder heb gezegd en zoals we in hoofdstuk 7 meer in detail zullen zien, zijn schildkliertesten niet wat ze zouden kunnen zijn. Hierdoor laten bloedonderzoeken niet altijd zien dat er weinig van de schildklierhormonen wordt geproduceerd.

Veel alternatief ingestelde artsen, met inbegrip van functionele en integratieve artsen, onderzoeken de schildklier beter dan ooit tevoren, omdat ze denken dat ze daarmee de verklaring achter mysterieuze gewichtstoename zullen vinden. Ze bestuderen de resul- taten van het bloedonderzoek nauwkeurig.

Zelfs als dit onderzoek niet wijst op schildklierproblemen, geven ze schildkliermedicijnen aan bepaalde patiënten op basis van andere symptomen. Dit is al een stap in de goede richting, want patiënten krijgen hun welverdiende aandacht en krijgen niet alleen maar te horen dat ze te zwaar of te lui zijn, of dat hun problemen zullen worden opgelost als ze op de loopband gaan staan.

Maar schildkliermedicatie als oplossing voor gewichtstoename gaat niet werken. want een onderactieve schildklier is het probleem niet.


Als je medicatie slikt voor een schildklierprobleem, maar je worstelt nog steeds met je gewicht en je vraagt je af hoe dat kan, dan komt dat doordat het medicijn geen effect heeft op de onderliggende virale Infectie, schade aan de lever, of het leverprobleem.

Bovendien belasten schildkliermedicijnen de lever en bijnieren. Ze zorgen ervoor dat de bijnieren moeten overwerken, waardoor de lever verzadigd raakt. En de lever doet al zo zijn best om de medicijnen zelf te verwerken.

Hierdoor wordt de leverfunctie nog verder vertraagd, wat betekent dat iemands gewicht na verloop van tijd nog verder kan toenemen als hij of zij schildkliermedicijnen slikt. Het is ook mogelijk dat die medicijnen gewichtstoename in gang zetten als dat nog geen probleem was. (In hoofdstuk 8 gaan we dieper in op schildkliermedicijnen.)

De reden waarom sommige mensen afvallen als ze aan schildkliermedicijnen beginnen, is dat ze tegelijkertijd hun eetpatroon veranderen, meer gaan bewegen en supplementen gaan slikken (een combinatie die zeer nuttig is voor het herstel van een vermoeide lever).

Daarnaast schrappen ze ook nog eens enkele voedingsmiddelen die het EBV voeden uit hun eetpatroon. (Er is een zeer kleine groep mensen die afvallen als ze schildkliermedicatie gebruiken zonder daarbij andere maatregelen te nemen. Dit komt door de aanvankelijke schok die het lichaam te verduren krijgt als het met een lichaamsvreemde steroïdeverbinding te maken krijgt. Uiteindelijk worden deze mensen weer zwaarder doordat het virale probleem niet wordt aangepakt.)

Als je de onderliggende virale en leverproblemen niet aanpakt met behulp van de technieken die in dit boek staan, blijf je de gewichtstoename in stand houden. Vrouwen krijgen dan meestal uiteindelijk te horen dat dit het gevolg van de menopauze is, maar dat klopt totaal niet. (Voor het volledige verhaal over de menopauze, zie het hoofdstuk 'Het premenstrueel syndroom en de menopauze' in mijn eerste boek Medical Medium*.)



* uitgegeven door en verkrijgbaar bij Succesboeken.nl, 2017, ISBN 9789492665010

 
 
logo-xl.png
  • Instagram - Jessica van Raalte
  • White LinkedIn Icon
  • White Facebook Icon
  • White Twitter Icon
Locatie 1

Voortsweg 204
7523 CK  Enschede

Locatie 2

Online

Privacyverklaring

© 2025 door JessicavanRaalte

bottom of page